Afgelopen weekend werd Retie opnieuw het decor van iets wat moeilijk nog een gewone wedstrijd te noemen is: de Legends Backyard Ultra. De trouwe lezers kennen het concept ondertussen al wel, een format dat even simpel als genadeloos is: Elk uur een nieuwe start. 6,706 kilometer. Te laat? Einde verhaal. Stoppen? Einde verhaal. Alleen wie blijft doorgaan, blijft bestaan en dan zit je plots in een spel zonder einde. Geen finishlijn, geen podium dat vastligt, geen afstand die op voorhand bepaald is. Enkel een uur. En nog een uur. En nog een uur. Elke ronde moet binnen het uur afgewerkt worden. Wie sneller binnenkomt, krijgt rust. Wie trager is, ligt eruit. En zo gaat het door... tot er nog één loper overblijft die een extra ronde kan afwerken. De rest? “DNF”.
Wat het zo verraderlijk maakt: het begint belachelijk comfortabel. 6,7 km in een uur? Easy. Tot je dat 100 keer na elkaar moet doen. Met slaaptekort, stijve spieren, kapotte voeten en een hoofd dat na dag 3 compleet andere dingen begint te verzinnen.
Met een ijzersterk internationaal deelnemersveld, met namen als Łukasz Wróbel, Oriol Antolí Sarrau, Ivo Steyaert, Merijn Geerts en Sarah Perry, en een stevige delegatie van 16 Trail Buddies aan de start, waren alle ingrediënten aanwezig voor een weekend dat zou blijven hangen. Iedereen klaar om zichzelf tegen te komen. Meermaals.

De start: gemoedelijk... voor even
De eerste uren van een Backyard voelen altijd een beetje misleidend aan. Alles loopt vlot. Het tempo ligt laag, de gesprekken zijn lang en de sfeer is bijna ontspannen. In en rond de tenten groeit een klein dorp, waar gelachen wordt, gegeten, plannen gemaakt en nog wat gelachen. En dat typische Backyard-gevoel: tegelijk competitie en samenhorigheid.
Ook bij Trail Buddies Kempen zat het meteen goed. De tent draaide op volle toeren, met een ploeg die niet alleen kwam lopen, maar ook klaarstond voor elkaar. Want in een Backyard loop je individueel, maar overleef je collectief. Maar zoals altijd in dit format... de echte wedstrijd begint pas later.



Stof, zon en verdwijnende lopers
Al snel werd duidelijk dat deze editie er eentje zou worden met een extra moeilijkheidsgraad: stof.
Het had al dagen niet geregend en zowel de dag- als nachtlus bestonden grotendeels uit kurkdroge, zanderige paden. Lopers verdwenen regelmatig in opwaaiende stofwolken, alsof ze even opgeslokt werden door het parcours zelf. Overdag kwam daar nog eens de warmte bij, die genadeloos inbeet op de open stukken.
Het was een wedstrijd die je langzaam leegzoog, zonder dat je het meteen doorhad. En toch... elk uur opnieuw die start. Geen discussie.
Na een halve dag beginnen de eerste scheurtjes zichtbaar te worden:
- Wim schudde vlotjes 8 rondes uit zijn mouw, na een last-minute beslissing om toch deel te nemen.
- Sander en Dylan hielden het netjes vol tot 12 rondes. Solide prestaties, zeker in dit deelnemersveld, goed voor maar liefst 80km.
Bij het ingaan van de nacht hadden 14 deelnemers in totaal het toneel verlaten.



De nacht: waar alles stilvalt
Tegenover de harde dag stond een totaal andere ervaring in de nacht. De eerste nacht is altijd speciaal. De temperaturen zakten, hoofdlampen verschenen, de sfeer werd rustiger en het parcours kreeg bijna iets magisch. En de vermoeidheid kruipt langzaam binnen.
Gesprekken werden korter, maar vaak betekenisvoller. Soms liep je minutenlang naast iemand zonder iets te zeggen. En soms kwam er net op het juiste moment een opmerking die alles weer even draaglijk maakte. Kris had af en toe nog een geniale quote die de waanzin perfect samenvatte... jammer genoeg zijn die ergens onderweg verloren gegaan. Waarschijnlijk beter zo. Sommige dingen horen thuis in het moment.
De nacht bracht rust, maar ook confrontatie. Met jezelf, en met hoe ver je nog wilde gaan.
Tijdens deze nacht namen we opnieuw afscheid van enkele TBK'ers:
- Jorg liep met zijn 15 rondes naar zijn eerste 100k. Een welgemeende proficiat van heel TBK, enkel jammer dat we daarmee ook onze gezelschapshond in de tent verloren.
- Ook Yannick liep trouwens zijn eerste 100k dankzij zijn 15 rondjes, weliswaar op de Backyard van bevriende club TJAK! Ook hier natuurlijk dubbel en dik proficiat!
- Tom Webers, Elly, Tom Smeets en Joren klokten af op 16-19 rondes. De een lichtjes teleurgesteld, de ander dik tevreden, maar op dit niveau zijn dit gewoon stuk voor stuk prestaties om je hoed voor af te zetten.



Na 24 uur: het kantelpunt
Zoals altijd begon de echte wedstrijd pas na een etmaal. Vanaf dan verandert alles. De gezelligheid maakt plaats voor focus, de gesprekken worden korter en elk uur voelt plots als een opdracht. Lopen wordt overleven. Rust wordt essentieel. Eten wordt een uitdaging.
Het is niet onlogisch dat rond dit punt meer en meer mensen de wedstrijd verlaten. Ondertussen blijft nog slechts de helft van het deelnemersveld over. Onder luid applaus namen ook wij afscheid nemen van onze powervrouwen:
- Tanja, die met marge over de 160km wist te gaan en nog een vlotte 25ste ronde uit de benen wist te schudden.
- Kathleen, die met 26 rondes knap eerste Belgische vrouw wist te worden, een prestatie van formaat in dit deelnemersveld. Iets dat soms even moet binnensijpelen, maar waar ze ondertussen hopelijk heel trots op terugblikt.
Ook voor mij kwam daar het moment waarop het zwaar begon te worden. Na 24 uur lopen voelde alles trager, zwaarder en vooral eindeloos. Mijn persoonlijk doel, voorbij die 30 rondes geraken, leek plots veel verder weg dan voordien. De warmte en het stof maakten het extra lastig, en de uren begonnen zich op een vreemde manier uit te rekken.
Toch bleef het draaien. Ronde na ronde.


De kracht van de tent
Wat op dat moment het verschil maakt, is niet alleen wat er in je benen zit, maar vooral wat er rond je gebeurt.
De TBK-tent was gedurende het hele weekend een ankerpunt. Een plek waar alles samenkwam: verzorging, voeding, rust, maar ook motivatie. Iedereen stond klaar voor elkaar. Er werd gekeken, gevoeld, ingeschat, bijgestuurd. Soms met woorden, soms gewoon met aanwezigheid, en soms met harde hand.
Daar, tussen de stoelen, bakken eten en half slapende lopers, zat de echte kracht van de club. Ik kan die crew, zowel die van mezelf als alle andere helpers, die dag en nacht, ronde na ronde klaarstond, niet genoeg bedanken. Zij cijferen zich tijdens de wedstrijd helemaal weg in functie van de lopers en maken soms letterlijk op enkele minuten tijd het verschil tussen doorgaan of game-over.


Richting en voorbij de 30 rondes
De weg naar 30 rondes werd een gevecht tegen de klok. De marges werden kleiner, de rustmomenten korter en elke start voelde onoverkomelijk zwaarder dan de vorige.
Toch lukte het om die grens te doorbreken. Daarna werd het overleven. De tijden werden krap en elke ronde hing aan een dun draadje. Met hulp van de crew en pure koppigheid kwamen er nog twee rondes bij. Tot het lichaam uiteindelijk de rekening presenteerde. Tijdens de 33ste ronde werd duidelijk dat het klaar was. Lopen ging niet meer. Wandelen deed evenveel pijn. Quadriceps en scheenbeen protesteerden luid en duidelijk. Binnen het uur blijven was geen optie meer.
Het verdict: 32 rondes. Meer dan 214 kilometer. Tot op het randje gegaan, en daar net over.
Die 30 rondes bleek ook voor de andere overgebleven TBK'ers een magische grens te zijn:
- Kris, Jelle en Gerben waren, heel terecht, tevreden met 30 rondes. Daar zat zeker nog marge op, maar stoppen met een goed gevoel na 200km is zeker zo verstandig.
- Andy bleek samen met mij in dezelfde paincave te zitten, het was een eer naast hem onze 33ste bonusronde uit te strompelen. Wie tijdens die ronde tegen de koeien stond te praten, en wie wie uit het bos is moeten gaan halen, laat ik in het midden.


Straf volk in het veld
Terwijl iedereen zijn eigen strijd voerde, werd er vooraan een wedstrijd van wereldniveau gelopen.
Łukasz Wróbel trok uiteindelijk aan het langste eind met een waanzinnige 114 rondes (764km!). Oriol Antolí Sarrau bleef tot het uiterste meestrijden met 113 rondes, terwijl Merijn Geerts opnieuw zijn klasse bewees met 110 rondes. Sarah Perry, wereldrecordhoudster bij de vrouwen, klokte af op 76 rondes en werd zo ruim eerste vrouw.
Ook binnen TBK werd er nog 1 laatste uitzonderlijk straffe prestaties neergezet:
- Bert Verbist liep een fenomenale wedstrijd met 74 rondes en verpulverde zijn persoonlijk record. Daarmee verzekerde hij zich opnieuw van een plek in Team België. Zelden iemand gezien die zo diep kan gaan als hij.
Tussen die toppers mogen lopen, ze onderweg kruisen, even samen een stukje afleggen... dat geeft perspectief. En motivatie.


Meer dan een wedstrijd
Wat blijft hangen na zo’n weekend, zijn niet alleen de cijfers en het afzien. Het zijn de momenten.
De stilte in de nacht. Het stof dat in de lucht blijft hangen. Het gevoel van samen vertrekken, uur na uur. De kleine overwinningen. De onvermijdelijke momenten waarop het stopt. Iedereen vecht zijn eigen strijd, maar niemand staat er alleen voor.
En het is de sfeer. Tenten die kleine dorpen worden. Supporters die dag en nacht blijven plakken. Mensen die elkaar door moeilijke momenten trekken. Iedereen die samen iets beleeft dat je moeilijk kan uitleggen aan iemand die er niet bij was.
En daarna… even niets
Na zo’n wedstrijd blijft er vooral vermoeidheid achter. Fysiek, maar zeker ook mentaal. Dit was een editie die veel gevraagd heeft. Misschien zelfs net dat beetje te veel.
Even afstand nemen lijkt dan ook logisch.
Maar zoals altijd bij een Backyard... het idee kruipt vroeg of laat terug binnen.
En ergens weet je: dit was waarschijnlijk niet de laatste keer.
Reacties